zondag 18 augustus 2013

UUU

uitputting = als er teveel natuurlijke hulpbronnen verbruikt worden
uitzoomen = veranderen van kleine schaal naar een grotere schaal
urbanisatie = verstedelijking/ trek van het platteland naar de stad
urbanisatiegraad = het percentage mensen dat in de steden woont

urbanisatietempo = de snelheid waarmee de urbanisatiegraad toeneemt

VVV

vakantie = reis met minimaal 4 dagen
vakantieparticipatie = het percentage mensen dat minimaal 1x per jaar op vakantie gaat
veenpolder = polder die bestaat uit veengrond
veeteelt = fokken en houden van vee voor bepaalde producten
verblijfsaccommodatie = het onderdak waar een toerist verblijft
verdroging = droger worden van een gebied door verlaging van het grondwaterpeil
vergrijzing = toename van het aandeel mensen boven de 65 jaar
verhang = het verval per kilometer van een rivier
verkaveling = manier waarop een gebied in stukjes verdeeld is.
verontreiniging = als er teveel schadelijke stoffen in het milieu terecht komen
versterkt broeikaseffect= het verschijnsel dat er meer CO2 in de lucht is gekomen door menselijke activiteiten
vertrekoverschot = de situatie waarbij het vertrek groter is dan de vestiging
verval = het hoogteverschil tussen twee plaatsen langs een rivier

verwering = het vergruizen van vast gesteente onder invloed van weer en plantengroei
verwoestijning = de verarming van de vruchtbare bodems in een droog gebied
verzilting = het zout worden van een bodem
verzorgingscentrum = plaats met stedelijke voorzieningen
verzorgingsgebied = gebied dat gebruik maakt van de voorzieningen van een
verzorgingscentrum
verzorgingsniveau = het aantal en de kwaliteit van de voorziening van een plaats
vestigingsoverschot = de situatie waarbij de vestiging groter is dan het vertrek
vestigingsplaatsfactor = reden voor een bedrijf om zich ergens te vestigen
vluchteling = mensen die op de vlucht zijn uit hun woongebied
vluchtsector=deel van de dienstensector, waarin mensen proberen een eigen baantje te maken
volk = groep mensen met eenzelfde cultuur, die eeuwenlang samenleeft
voorland = havens waar de goederen van een mainport vandaan komen
voorsteden = kleine plaatsen rondom de grote stad die zelf ook steden zijn geworden[ eng. suburbs]
vrijemarkteconomie = een economisch systeem waar de productie wordt geleid door particuliere ondernemers
vrije tijd = tijd die overblijft na werken, eten en slapen

vulkaan = berg opgebouwd uit lagen as en lava

WWW

wadi = woestijnrivier die een groot deel van het jaar droog staat
waterscheiding = grens tussen twee stroomgebieden
waterzuivering = schoonmaken van water
weer = de toestand van de dampkring op een bepaalde plaats en een bepaald moment
westelijk halfrond = helft van de aarde ten westen van de nul- meridiaan
westerse allochtoon = allochtoon afkomstig uit het westers cultuurgebied
werkloosheid = deel van de beroepsbevolking dat geen betaald werk doet
wind = lucht zie zich verplaatst van hoge druk naar lage druk
windroos = tekening dat alle windstreken aangeeft
woestijn = gebied waar (bijna) geen neerslag valt
woningnood = als de vraag naar woonruimte groter is dan het aanbod

woonverdunning = de afname van het aantal woningen per ha 

XXX

YYY

ZZZ

zandsuppletie = opspuiten van zand op het strand of vlak voor de kust
zeepolder = polder gewonnen uit opgeslibde zeekleiafzettingen
zeestromen = grote stroming in de oceanen die zorgen voor een verdeling van warmte op aarde
zelfverzorgende landbouw = landbouw waarvoor de producten voor eigen consumptie is
zuidelijk halfrond = helft van de aarde ten zuiden van de evenaar
zuiderbreedte =  ligging van een plaats op het zuidelijk halfrond
zuidpool = zuidelijkste punt van de aarde [90ZB]
zuigelingensterfte = aantal baby’s per 1000 inwoners dat voor het één jaar sterft
zure regen = regen die door vervuiling van zuren een lagere pH-waarde heeft
zware industrie = bedrijven die veel grondstoffen gebruiken; produceren vooral halffabricaten
zwerflandbouw = landang landbouw